Alle berichten

Ik ken je dus ik eet je

Je kent het wel… een peuter met een lang gezicht achter een bord met verpieterde groente. Vlees(vervanger) is al op en ook pasta, rijst of aardappeltjes zijn opgesnoept. Hoe kan dit toch, vraagt de ouder zich vertwijfeld af. Het zit zo… de ‘wil’ van onze peuters wordt geleid door een oeroud beschermingsmechanisme. Dit mechanisme zorgt dat de onderzoekende peuter niet zomaar schadelijke planten en bessen in z’n mond stopt. Aan ons de uitdaging om deze oeroude strategie om te buigen. 

Hoe? Daar is veel onderzoek naar gedaan met een duidelijk conclusie: je kind leert groenten te eten als hij ze vaker voorgeschoteld krijgt. Dus zet ze niet alleen bij de warme maaltijd maar ook bij het ontbijt, de lunch en tussendoor op tafel. Zorg dat je kind ze zo kan pakken… dus snijd bijvoorbeeld wortels, tomaten en paprika in kleine stukjes en biedt dat aan in een bakje. Leg groenten op de aanrecht zodat je peuter ze vaak ziet. Varieer de soorten groenten. Kook de groente, roerbak ze of stop ze in de oven.

Het Voedingscentrum raadt aan om je peuter en kleuter 100 tot 150 gram groente te laten eten. Als je bij het ontbijt start met een groentespread onder de kaas, bij de lunch vijf snoeptomaatjes geeft en tussendoor wat reepjes paprika dan zit je al aan 70 gram. Bij het warme eten hoef je dan maar de helft van het bordje met groenten te vullen. Vertellen over de groenten en ze een gekke naam geven wil ook helpen.

Groentjes, Team Groentehelden